gevoelsvermogen

Voelenderwijs gewaarzijn
Naast denk-vermogen beschikken we over gevoels-vermogen. Dit is het vermogen om voelenderwijs gewaar te zijn. Van dit aangeboren gevoelsvermogen kun je jezelf steeds meer bewust worden en dit verder ontwikkelen. Dit doe je door stil te staan bij wat je lijf je ‘vertelt’, welke emotie vooraan zit en waar je behoefte aan hebt. Door zo bij jezelf stil te staan, kies je met verstand, gevoel en intuïtie om iets te doen of te laten. Of, om een ander te vragen om in jouw behoefte te voorzien. Situaties waar je geen enkele invloed op hebt kun je het best nemen zoals ze zijn. Op deze manier ben je trouw aan jezelf, neem je met een heldere focus regie over je leven. Geankerd in basisvertrouwen wordt dit lijfelijk waarneembaar. Je bent van top tot teen present, je lichaam is bewoond, ‘er is iemand thuis’.

Gevoel voor jezelf en de ander
Je kunt je gevoelsvermogen aanspreken door je open te stellen voor eigen gevoelens en voor die van de ander. Bewust contact maken, aftasten, aanvoelen en meevoelen. Iemand anders kan nooit echt voelen wat je zelf voelt. Wel kun je, door met je gevoelsvermogen waar te nemen, een indruk krijgen van hoe de ander zich voelt. Door vragen te stellen kun je toetsen of deze inschatting klopt. Door bewust gewaar te zijn via zintuiglijke vermogens, met name via de tast, krijg je steeds meer gevoelscontact met jezelf, met de ander en met de omgeving. Niet iedereen verstaat deze kunst. Vooral niet als het gevoelsvermogen gestagneerd is of onvoldoende is ontwikkeld. Iemand voelt dan bijvoorbeeld in het sociale verkeer niet aan wanneer een ander te dichtbij komt, raakt daarvan in de war en gaat bedenken waarom het niet zo erg is. Terwijl als melk niet meer goed is, proef je dat meteen en spuug je vanzelf de eerste slok uit.

Denken, voelen en handelen in balans
Een verstoorde balans tussen denken, voelen en handelen kan weer in evenwicht komen. Als het in onderling contact veilig genoeg voelt kun je de nodige moed verzamelen om je kwetsbaar op te stellen en onzekerheid te delen. Het doet goed als de ander geduldig luisterend aanwezig blijft en geen onthullingen forceert of zaken voor jou invult. Ook als je je serieus genomen voelt. Als je ruimte voelt om diepere gevoelens te delen op het moment dat jij daar aan toe bent. Als je voluit ruimte voelt om op je eigen manier te delen wat gedeeld wil worden. Zo’n aandachtige nabijheid helpt oud zeer helen. Erkenning van je verhaal en van je eigenheid door een welwillende ander doet een mens goed. Emotionele kwetsuren worden zo op een natuurlijke manier geheeld. Vergelijk een schaafwond op je knie die ook vanzelf geneest.

Zachte kracht
De kern van affectiviteit is tederheid, een zachte kracht die mensen verbindt.
Van eenzaamheid naar tweezaamheid. Naar wederkerigheid in de ontmoeting. Binnen de veilige omhulling ervaar je openheid. Er is sprake van intimiteit, van wezenlijk contact. Oud zeer vraagt vertering net als voeding. De vitaminerijke levenslessen haal je eruit en integreer je in je levensverhaal. De rest laat je achter. De ander voelt zich door het affectief contact bevestigd in zijn of haar wezenlijk goed-zijn. Psychiater Anna Terruwe noemt dit heel mooi: ‘Het toelachen in het wezen van de ander’. Er komt ruimte voor het bepalen en volgen van een vitale levens- en loopbaankoers. Trouw aan jezelf, op basis van eigen normen en waarden. Je voelt je autonoom en draagt verantwoordelijkheid voor de consequenties van je keuzes.

Via de ander ontmoet je jezelf
Je raakt meer en meer thuis in je binnenwereld. Buitenshuis is de samenleving, de stad, het dorp of de buurt. Daar zijn ook je dierbaren en alle verdere relaties. Als mensen elkaar ontmoeten in open contact ontvouwt het gevoelsvermogen zich vanzelf. De huid en de zintuigen vormen het contact met de buitenwereld. Onze ogen, oren, reuk, smaak en tastzin leggen een directe relatie tussen ieders binnen- en buitenwereld. Je kunt je terugtrekken bij het gevoel van te veel nabijheid of juist openstellen bij het gevoel van te veel afstand. Hoe voelt voor jou contact van mens tot mens? Het blijkt een hele kunst om de ander onbevooroordeeld tegemoet te treden. Om zonder reserve ontvankelijk te zijn en onbevangen te kijken naar wat er ook verschijnt. Door aanraking, huid-op-huid contact, dat de meest directe vorm van communicatie is, ‘vertelt’ je lijf zonder woorden wat er te vertellen valt. Dit vraagt grote zorgvuldigheid en volstrekte duidelijkheid. Dit is natuurlijk sowieso wenselijk en zeker in een professionele setting als de een hulpvrager is en de ander hulpbieder.

In stilte verwijlen
Kwetsbaarheid uiten vraagt geborgenheid en betrouwbaarheid. En zeker ook hoop op dat je door het uiten van gevoeligheden er beter van wordt. Door juiste timing en zorgvuldige aanraking wordt het lichaamsgeheugen aangesproken. Oude koeien kunnen in de sloot blijven. Wel wordt ingespeeld op actuele vragen en waarneembaar gedrag. Wat hier en nu speelt krijgt alle aandacht. Het kan zijn dat vroegere frustraties door liefdevolle aanraking spontaan opkomen. Het is dan voldoende als iemand zelf betekenis geeft aan wat ontsluierd wordt vanuit het lichaamsgeheugen. Deze confrontatie met kwetsuren van vroeger, die vastgezet zijn in het lijf, voelt degene die wordt aangeraakt zelf, maar hoeft dit niet alleen te ervaren. Er is ruimte voor vragen en voor het delen over de ervaring. Dit wordt als ondersteunend ervaren bij het inzichtelijk krijgen en het verwoorden van de beleving. Vaak is het wenselijk om een tijdje in stilte te verwijlen om te laten indalen wat ervaren is. Zo wordt het gevoelsvermogen meer en meer eigen gemaakt.